Tips voor een optimaal stalklimaat in het najaar

10 okt. 2024

Voor het leveren van topprestaties moet alles kloppen. Zo ook bij uw kuikens. Een goed, stabiel klimaat, dat bepaald wordt door een combinatie van temperatuur, luchtsamenstelling en luchtsnelheid, is hierbij essentieel. Zorg met onze tips voor de ideale omstandigheden voor uw vleespluimvee.

Tips bij een nieuw koppel

  • Zorg voor aanvang van een koppel dat de stal voldoende is opgewarmd, met een vloertemperatuur van 28-30 °C en een ruimtetemperatuur van 34-36 °C.
  • De juiste temperatuur passend bij de leeftijd van het vleeskuiken is vaak het best te zien aan de ligging van de dieren: mooi ovaal in de stal los van elkaar.
  • Bij aankomst is een vleeskuiken koudbloedig, wat betekent dat het zijn lichaamstemperatuur niet zelf kan regelen. Het is daarom belangrijk uw dieren steekproefsgewijs te temperaturen bij aankomst. Meet de temperatuur van twintig dieren verspreid over de stal en herhaal dit twee tot drie keer per dag tot dag 4. Een goede lichaamstemperatuur bedraagt 40,5 a 41,0 °C.

Het doel van ventileren

Naast temperatuur is goede ventilatie een ander belangrijk element om tot topprestaties te komen. Tijdens het groeiproces produceert het kuiken enerzijds koolstofdioxide (CO2)en water via ademhaling en anderzijds mest en warmte door stofwisseling en groei. Ventilatie in pluimveestallen heeft daarom het aanvoeren van zuurstof en het afvoeren van CO2, water en warmte-energie als doel.

Stel de ventilatiecurve in

Om een goede balans te verkrijgen tussen aan- en afvoer van lucht stel je een ventilatiecurve in op 1 m3 per kilogram gewicht bij een buitentemperatuur van 20 °C. Bij een lagere buitentemperatuur komt hier een correctie overheen.

Dag Norm bij 20 °C (m3/kg) 
1-7     1,5
8-14     1,2
15-42     1,0
Norm voor ventilatiecurve bij een buitentemperatuur van 20 °C.

Verfijn de minimum ventilatie

Om het juiste minimum te verfijnen, corrigeert u de minimum ventilatie naar de gewenste relatieve luchtvochtigheid (RV). Deze is naast CO2 de eerste beperkende factor en het meest aanwezig in huidige pluimveestallen. Als vuistregel geldt: Streefwaarde staltemperatuur + RV = 85. Per 5% verhoging van de RV verhoogt u de minimum ventilatie met 1%. Met het toepassen van deze vuistregel creëert u het optimale microklimaat op dierniveau. De instellingen zijn per fabrikant verschillend; kies de regeling die met kleine stapjes tot de norm bijstelt.

Maximum ventilatie

Waar de minimum ventilatie van belang is voor voldoende afvoer van gassen en vocht, voorkomt de maximum ventilatie ongewenste luchtstromingen oftewel tocht op de dieren. De maximale luchtsnelheid op dierniveau mag 0,2 m/sec zijn. Stel daarom uw curve de gehele ronde af op maximaal 3,6 m3 per kilogram dier in de stal. Bij uitzonderlijke weersomstandigheden is het wellicht nodig de maximum ventilatie aan te passen; doe dit in overleg met uw adviseur.

Reguleer de luchtsnelheid

  • De binnenkomende luchtsnelheid regelt u bij voorkeur op onderdruk. Standaard is het systeem afgeregeld op 4 meter per seconde. Bij een buitentemperatuur van 0 °C kunt u uitgaan van 1 Pascal (Pa) onderdruk per meter stalbreedte. Per 1 graad Celsius hogere buitentemperatuur wordt de onderdruk met 0,5 Pa gecorrigeerd, tot maximaal 5 Pa bij een buitentemperatuur boven de 20 °C.
  • Bij een minimum ventilatieniveau moet de minimale klepstand bij ventielen minimaal twee vingers (4 cm) zijn. Dit kunt u realiseren door te starten met het openen van 1 op de 5 ventielen, afhankelijk van onder andere stalafmeting en bezetting.
  • Controleer met rookpatronen het luchtpatroon om te zien of de ingestelde klepstand juist is. Dit is telkens afhankelijk van de hoogte van de inlaat, het soort en de afmeting van het ventiel, het type ventilatie (nok-, lengte-, of combiventilatie) en de breedte van de stal. Onze adviseurs kunnen het luchtpatroon voor u controleren.

Weet wat u meet

Ons motto blijft steeds: meten is weten! Controleer minimaal jaarlijks uw klimaatregeling op afwijkingen van temperatuurvoelers en afzuiging. Voer bij twijfel direct een controle uit.

Hoe optimaal is jouw stalklimaat?

Met bovenstaande tips kunt u de basis leggen voor een optimaal klimaat. Hoe staat het ervoor in uw stal? Is klimaat een belangrijk aandachtpunt, of heeft u de basis op orde maar wilt u dit nog verder verfijnen? Onze adviseurs helpen u hier graag bij. Neem contact op met onze klantenservice via +32 78 48 02 97 of order.be@agrifirm.com of maak via ons contactformulier direct een afspraak.

Ook interessant voor u

4 sep. 2024

Braadkippen afleveren aan de hoogste kwaliteit door actief koppelmanagement en ons Econ gamma

Deze zomer heeft één van onze klanten in Oost-Vlaanderen een uitzonderlijk resultaat behaald. Een koppel Ross braadkippen heeft een gemiddelde groei van maar liefst 74 gram per dag gerealiseerd! Bij de aflevering in juli lag het sterftecijfer onder de 3, en de kwaliteit was optimaal. Dit is de tweede ronde op rij waarin deze vooruitstrevende resultaten zijn behaald. Wat is het geheim achter dit succes? Actief koppelmanagement in combinatie met ons Econ gamma. Pluimveeadviseur Emerson Meesen deelt graag zijn inzichten.